dinsdag, november 19, 2019
Blog

Hoofdstuk 32

Hi Guys,

Maandag 14 maart 2016. De dag waarop mijn opa er niet meer was.
Ik kreeg het nieuws te horen toen ik net beneden was. Het was denk ik tussen 08:15 en 08:30. Ik was mijn etui aan het zoeken, want die kon ik nergens meer vinden. Ik was mijn tas aan het uitruimen toen mijn moeder opeens zei: ‘heb je het telefoontje van je vader nog gehoord?’ Waarop ik antwoordde: ‘Nee, hoezo?’ Mijn moeder zei toen de woorden die je nooit wilt horen: ‘Opa is vannacht overleden.’
Ja dat komt binnen. Ik gooide mijn agenda over de tafel en ik huilde.
Dan maak ik me zorgen om een etui terwijl mijn opa dood is? Wat kan die etui me eigenlijk nog schelen.

Het was een zware week. Ik ben die maandag gewoon naar school gegaan. Ik dacht: dan heb ik even afleiding. Ik kan wel thuis gaan zitten, maar 1: ik had geen zin om de hele dag te huilen. En 2: ik los er toch niks mee op. En woensdag zouden mijn laatste schoolexamens beginnen dus was het wel slim om naar school te gaan.
Die eerste 2 uur op school waren de zwaarste 2 uren uit mijn schoolcarrière. Ik bleef alleen maar met mijn hoofd bij mijn opa, ik kon nergens anders aan denken. Gelukkig had ik een hele goede vriendin die me hielp. Ze bleef me afleiden, maar wilde er ook over praten als ik dat wilde. Ik was zo blij met haar, ze heeft me echt geholpen.

Ik ben sowieso heel erg blij met al mijn vrienden. Iedereen heeft me zo goed geholpen. Ze vroegen elke dag hoe het ging en boden een luisterend oor als ik dat nodig had.
Niet alleen voor mij was het een moeilijke week, maar natuurlijk ook voor mijn ouders. Dat was misschien wel het moeilijkste. Niemand wilt zien dat zijn ouders het moeilijk hebben.

Mijn mentor was ook zo lief. Ik vertelde het tegen hem over mijn opa en hij was zo meegaand en hij meende het. Ik vond het zo lief. Aan het eind van de les kwam hij bij me zitten en we hebben samen over mijn opa gepraat. Het was zwaar (ik had moeite om mijn tranen in te houden), maar het luchtte wel enorm op. Ik haalde herinneringen met hem op over mijn opa. We hadden het over het feit dat hij er was om te helpen met mijn Profiel Werkstuk. Hij had de enquête die ik in het Verzorgingshuis ging afnemen nog doorgenomen. Ik vond dat zo lief. Hij vroeg verder van alles over mijn opa en over mijn band met hem.

Die maandag heb ik verder niet veel gedaan, omdat ik mijn gedachte er gewoon niet naar kon zetten. De rest van de week ging wel redelijk, ik moest ook wel want ik had schoolexamens. Dus ja ik moest wel leren en ik had niet veel tijd voor andere dingen. Aan de ene kant ik dat wel lekker, omdat je gedwongen wordt om iets anders te gaan doen. Aan de andere kant is het ook weer rot, omdat je even niks anders kan doen.

Mijn opa heeft de strijd tegen kanker verloren. Een strijd van 5 jaar. De ziekte heeft het gewonnen. Opa heeft 5 jaar lang geknokt tegen de ziekte, maar de laatste weken was hij echt op. Hij kon niet meer.
Wat me misschien nog wel het meest confronteerde op school was dat ik die maandag gelijk weer mensen het woorden ‘kanker’ gebruikte als scheldwoord of als bijvoegelijk Naamwoord. Ik vind dat zo ‘knap’, want ik krijg het woord mijn bek niet eens uit. Mensen zeggen dan wel dat ze het woord niet op die manier bedoelen, maar hoe the fuck kan je het woord dan anders bedoelen? Als ik het woord hoor, kan ik alleen maar aan de vreselijke ziekte denken die al te veel van de mensen waarvan ik hou heb vermoord.
Ik kan er zo boos en verdrietig om worden. Snappen die mensen niet wat die ziekte inhoud ofzo? Snappen ze niet hoe erg het is?
Ik hoop gewoon dat jullie het woord ‘kanker’ nooit gebruiken als scheldwoord of bijvoeglijk naamwoord.

 

Gisteren was de begrafenis. Het was een hele mooie dienst. Er werden hele mooie woorden gezegd. Het was een waar afscheid. Er werden herinneringen opgehaald. Ik heb samen met mijn nichtjes en mijn neefje kaarsjes aan mogen steken die rond de kist stonden. Ik zag er tegenop, maar ik was blij dat ik het heb mogen doen.
De minuut (of het moment, weet niet precies hoelang het was) die we stil moeten zijn, vond ik heel heftig. Het was helemaal stil. Je hoorde echt helemaal niks. Dat vond ik echt heftig.
Daarna liepen we naar het crematorium. Alle aanwezigen liepen met ons mee. Ik liep samen met mijn vader achter de kist.
Na de dienst, kwamen alle familieleden/vrienden en andere aanwezigen naar ons toe om te condoleren. Dat was mooi en zwaar. Het was mooi en lief dat iedereen ons sterkte wenste. Het was ook mooi om te zien dat er zoveel mensen waren die afscheid hebben genomen van opa.

Deze week haalde ik veel herinneringen op aan mijn opa. Bijvoorbeeld dat ik als kind altijd met kleine autootjes ging spelen als ik bij mijn thuis was. Hij had altijd een koffer met allemaal speelgoedautootjes waar ik altijd mee speelde. Het was het eerste wat ik deed als ik bij hem thuis kwam. Ook weet ik nog dat we altijd een koekje bij de koffie kregen. Zonder koekje, kregen we geen koffie. We kregen dan altijd Opa Cees koekjes (Bastogne koeken). Ik heb het nog zolang Opa Cees koekjes genoemd.
Dit zijn maar een paar herinneringen die ik de laatste tijd heb opgehaald.

Ik vind het zo raar dat het alleen nog maar herinneringen zijn. Ze bestaan eigenlijk alleen nog maar in onze gedachten. Het is alsof hij er nooit geweest is, dat alles alleen nog maar fantasie is.
Soms hoor ik zijn stem nog wel eens en ik heb elke keer het gevoel dat we er volgende week zaterdag gewoon weer heen gaan. Of dat hij elk moment weer binnen kan lopen.
Mensen zeggen dat dat gevoel minder gaat worden, maar dat kan niet. Mijn oma is nu 9 jaar dood en ik heb nog steeds hetzelfde gevoel en ik hoor ook haar stem nog wel eens. Het wordt misschien wel minder, maar het gaat nooit helemaal weg.

Muziek van de week.
Deze week heb ik gekozen voor een nummer die zo mooi is. Dit nummer beschrijft hoe jammer je het vind dat iemand je niet ziet opgroeien, omdat diegene dood is. In dit nummer gaat het over iemand die zijn vader is verloren, maar ik vul het in met mijn oma. Mijn oma overleed toen ik 8 was en heeft me dus nooit echt zien opgroeien. Ze heeft me nu nog nooit ontmoet. Ik hoop dat ze van boven wel ziet hoe ik ben en er mijn hele leven bij zal zijn.
Helaas kan ik dit nummer nu ook zingen voor mijn opa. Hij zal nooit weten hoe de volwassen ik zal zijn.

Muziek van de week:
Lukas Graham – You’re Not There

Heb ik wel genoeg tegen je gezegd hoeveel ik van je hou? Weet u wel hoeveel ik van u hou? Ben ik wel vaak genoeg bij u langs geweest? Had ik niet vaker langs moeten komen? Dat zijn allerlei vragen die de laatste tijd door mijn hoofd spoken.
U bent nu op een plek waar u geen pijn heeft. Maak ze gek daarboven! God zal goed voor u zorgen.
Dag lieve opa. Ik hou van u.

Liefs,
Clanand

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Back To Top
%d bloggers liken dit: